In het Streekmuseum is de collectie gegroepeerd in een aantal afdelingen.
Archeologie en gebruiks-aardewerk De in de kelder van het museum ten toon gestelde bodemvondsten dateren uit de periode van de dertiende tot de achttiende eeuw en zijn afkomstig uit de Hulster binnenstad en van de Westerschelde-oevers.
De collectie bevat enkele zeer opvallende stukken. Zo treft u in de verzameling een pelgrims-insigne, glissen (soort schaatsen) en huisraad aan, die werden gevonden op het terrein van het voormalige Minderbroedersklooster. Eén vitrine is gevuld met vondsten uit de prehistorie, met name uit de oudste nederzetting van Zeeland : Nieuw-Namen.
In Nieuw-Namen werden vuurstenen werktuigjes gevonden die erop wijzen dat hier zo'n 10.000 jaar geleden, in de oude steentijd, al mensen woonden.
Klederdrachten Behalve de wisselende expositie zijn op het gelijkvloers van het museum klederdrachten te bewonderen.
De nadruk bij de klederdrachten ligt op de dracht van het Land van Hulst, het Land van Axel en het Land van Cadzand. Het kostuum van de vrouwendracht uit Hulst is compleet, inclusief sieraden, in het museum aanwezig. Van de mannendracht is helaas weinig bekend.
Van het Land van Axel zijn zowel de vrouwen- als mannendracht en de kinderkleding compleet te bewonderen. Indrukwekkend is de verzameling vrouwenkappen en kinderkleding. Enkele vitrines zijn gevuld met sieraden en gebruiksvoorwerpen als waaiers en tondeldozen.
Videohoek Op de eerste verdieping van het museum is een videohoek ingericht. Hier vertellen beelden u over het ontstaan van de stad Hulst en haar omgeving.
Reynaert de vos “Het was in eenen tsinxen daghe”. Met deze zin begint het middeleeuwse dierenepos Van den vos Reynaerde dat in de dertiende eeuw werd geschreven. Het vormt in zijn genre één van de hoogtepunten van de Nederlandse en zelfs van de West-Europese literatuur. Het verhaal handelt over de listige vos Reynaert, die met zijn sluwe streken de waarden en normen uit die tijd een hak zet. Sedert 1928 wordt gesproken over de relatie van Hulst met het Reynaertverhaal. Hulst verdient het predikaat “Reynaertstad” onder andere vanwege de vermelding van Hulsterloo (Nieuw-Namen) en Absdale, beide kernen in de huidige gemeente Hulst, in het Reynaertverhaal. De beroemdste inwoner van Hulst mag natuurlijk niet ontbreken in het Hulster museum. Aan hem is op de eerste etage van het museum een speciale hoek gewijd.
Gilden Verder op de eerste verdieping aandacht voor de gilden uit stad en ambacht. Van de gilden worden onder meer vaandels, handbogen, medaillons en een staande wip getoond. Topstukken in deze verzameling zijn de ivoren polsbeschermers uit de zeventiende eeuw.
Vestingwerken In het tweede vertrek op de eerste verdieping ligt de nadruk op de ontwikkeling en de geschiedenis van de vesting Hulst. Centraal in de opstelling staan de maquettes van de stad Hulst anno 1980 en de maquette van de Bollewerckpoort. De Bollewerckpoort wordt ook wel Dobbele Poort of Keldermanspoort genoemd. Deze poort werd aan het begin van de 16de eeuw gebouwd op de plek waar de haven van Hulst (de verbinding met de Westerschelde) de stad bereikte. De dubbele functie van de poort (land- en waterpoort) is op de maquette duidelijk te zien. Door de waterpoort konden schepen de haven in- en uitvaren, terwijl twee bruggen de landwegen verbonden met de stad. Voor die tijd een technisch hoogstandje! Bij het beleg van Hulst in 1596 door Albertus van Oostenrijk werd de Keldermanspoort voor een groot deel verwoest. De restanten van de poort werden in 1618 met aarde bedekt. Het duurde tot 1957 voordat het bouwwerk werd opgegraven. Kaarten uit de collectie van de Oudheidkundige Kring completeren het beeld van de ontwikkeling van de vesting Hulst. Te zien zijn originele kaarten van de hand van beroemde kaartmakers als A. Mair, J. van Deventer, W. Blaeu, J. de Busschere, N. Visscher en de familie Hattinga.
Nijverheid en folklore Op de zolderverdieping van het museum springt allereerst de kapconstructie in het oog. Een indrukwekkend staaltje vakmanschap. Deze ruimte is gevuld met voorwerpen die betrekking hebben op “leven en werken in het Land van Hulst”. Te zien zijn onder meer werktuigen, die in gebruik zijn geweest bij landbouwers, zoals ploegen. Ook werktuigen van ambachtslieden als de gareelmaker, de timmerman, de borstelmaker, de imker, de bakker zijn te bewonderen. Tenslotte treft u er ook huishoudelijke zaken als wafelijzers, een bonenmolen, een koffiebrander en dergelijke aan.
Onderwijs De ouderwetse schoolspullen die op de zolder van het museum te zien zijn, doet de tijd van weleer herleven.
Vogels De verzameling opgezette vogels heeft heel toepasselijk op de zolderverdieping een plaats gekregen. Het gevoel van vrijheid dat vogels ongetwijfeld hebben wanneer zij door de lucht zweven, kan de bezoeker van het museum ook enigszins ervaren. Bestijgt u daarvoor, ter afronding van de rondgang door het museum, de trap van het torentje van het gebouw. Hierboven kunt u genieten van een ronduit prachtig uitzicht over de stad Hulst !
Museumtuin Achter het museum vindt u een kleine (kruiden)tuin, waarin u zich op een mooie zomerdag terug in de tijd kunt wanen. In deze pittoreske tuin treft u een zogenaamde travalje (een hoefstal) en een smidse (een smederij) aan.
Klompenmakerij en vlasserij In de tuin is een dependance gebouwd waarin een volledig ingerichte klompenmakerij en vlasserij zijn ondergebracht. Het bij de gemeente Hulst behorende dorp Clinge was eens bekend om zijn klompenmakerijen. Het dorp Heikant daarentegen, had een grote bekendheid als vlascentrum. In Heikant treft u dan ook twee vlasmonument aan, “de stuiker” en “de Vlaskeerster”genaamd. Het is een herinnering aan de velen die in de vlasbewerking hun brood verdienden.
Kortom, een bezoek aan het Streekmuseum biedt u een mooie kennismaking met een aantal kenmerkende facetten van de stad en het Land van Hulst en haar geschiedenis.
|